Haken doe je zo #10: rond haken

Haken doe je zo #10 rond haken

Welkom in onze reeks haakinstructies. Deze keer tonen we hoe je rond kan haken.

Als je rond kan haken heb je zoveel mogelijkheden: onderzetters, leuke tasjes, bodems voor mandjes, toffe poef, tapijtje,…En eigenlijk is het helemaal niet zo moeilijk. Zo haak je rond.

Een cirkel van vasten:

Opzetten: De eenvoudigste manier om beginnen met een rond haakwerk is met een ring van lossen. Dit is dan je basisring waarrond alles gebeurd. Je hoeft je werk nooit te keren met deze techniek. Dat hakt een stuk handiger.  Dat doe je zo: Haak 4 lossen en vorm deze tot een ring met een halve vaste in de eerste losse.

rij 1: Haak 1 beginlosse (omdat we een cirkel van vasten haken. Als je een andere steek gebruikt verschilt het aantal beginlossen. Zie https://www.zenspiratie.be/haken-doe-je-zo-5-het-stokje ). De beginlosse heb je nodig om je haaknaald op de juiste hoogte te krijgen voor je volgende steek. Haak 8 vasten in de opening van de ring, dus niet in de steken zelf, maar in de ring. Sluit de rij met een halve vaste.

rij 2: haak 1 beginlosse (en doe dit aan elk begin van een nieuwe rij) In elke rij gaan we 8 steken meerderen om een cirkel te bekomen. Dat doe je in deze rij zo: Haak in elke steek 2 vasten. Sluit de rij af met een halve vaste (en doe dit aan elk einde van een rij). (16 vasten)

rij 3: Haak een beginlosse, * 1 vaste, in elke tweede steek 2 vasten*, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit de rij af met een halve vaste. (24 vasten)

rij 4: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke derde steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit de rij af met een halve vaste. (32 vasten)

rij 5: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke vierde steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit de rij af met een halve vaste. (40 vasten)

rij 6: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke vijfde steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit af met een halve vaste (48 vasten)

rij 7: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke zesde steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit af met een halve vaste. (56 vasten)

rij 8: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke zevende steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit af met een halve vaste. (64 vasten)

rij 9: Haak een beginlosse, * 1 vaste per steek, in elke achtste steek 2 vasten *, herhaal * tot aan het einde van de rij. Sluit af met een halve vaste (72 steken)

rij 10 ? Je snapt het vast wel, als je nog rijen wilt bijhaken, dan blijf je op dezelfde manier 8 steken bijhaken in elke rij. Je komt dus in elke rij aan een veelvoud van 8 steken. Je meerdert de steken telkens een steek verder dan in de vorige rij.

Afsluiten doe je in de laatste rij door gewoon de rij af te sluiten met een halve vaste zoals je dat bij elke rij deed. Draad afknippen en afhechten. Weef je draad nog even in je werk om netjes af te werken.

Duidelijker met een grafisch patroon?

Duidelijker met een filmpje?

Haakprojectjes?

  • Aan deze cirkel kan je een rand haken op dezelfde manier als bij het mandje. Haak telkens een vaste op elke steek. Steek telkens je haaknaald in de achterste lus van de steek waarin je haakt. Nu heb je een mooie afboording voor je mandje gehaakt. We kunnen aan de rand beginnen! Haak daarna in elke toer telkens 1 vaste in elke steek. Bouw zo je rand op. Zo krijg je een rond mandje.
  • Dit klaproosje, door zenspiratie ontworpen is ook erg leuk om rond haken te oefenen.

Tips:

  • Haak eens met een ander materiaal dan met wol. Een mandje/een mat van touw bijvoorbeeld is erg leuk 🙂
  • Met dit patroontje kan je een jasje haken voor rond een vaas, een pot, een bokaal,…Jij kiest zelf de maat.

Wist je dat?

  • Als je rond haakt, spreek je niet van toeren maar van rijen.
  • Als je rond haakt is het uiterst belangrijk om je steken goed te tellen.
  • Als je een ring haakt, moet je in elke rij een aantal steken meerderen. Het is de kunst om juist te meerderen. Als je te veel steken in Ă©Ă©n rij meerdert, dan wordt je cirkel hobbelig i.p.v. mooi plat. Met bovenstaand patroon haak je gelijk welke cirkel mooi plat, in gelijk welke steek. Hou wel rekening met het aantal beginlossen die je nodig hebt. Dat is afhankelijk van de steek dat je zal gebruiken om de cirkel te haken. Weet je nog? Zie rij 1.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *